De zaterdag begint voor ons, als derde, vaak al op vrijdagavond. “Hoezo dat dan?” hoor ik u denken, Nou goed, daar worden doorgaans de nodige glazen water, die overigens eerst door een brouwerij zijn geweest, genuttigd. En dat ging afgelopen weekend nog weer wat bonter dan u van ons gewend bent. De sluizen werden wagenwijd opengezet bij de Club van 7 en het bier vloeide rijkelijk. Huisjes Senior, de broer van Huisjes Junior, had zichzelf beloofd kallum an te doen. Halverwege de avond kon de conclusie vroegtijdig getrokken worden dat dat niet meer ging lukken. “We ziet wel hoe ’t giet lopen morn”.
Die ‘morn’ stond stiekem toch wel één van de leukere wedstrijden vant seizoen op het programma. Banthum 6 kwam op bezoek. Ook wel bekend als ‘Het Zeumde Tapje’. Een bijnaam die ons hoe dan ook als muziek in de oren klinkt. Een affiche die dit seizoen onder de noemer ‘Trap-de-caferacer-moar-an-derby’ bekend staat. Een deel van beide teams kennen mekaar, waardoor het altijd een gezellig weerzien is. En wat hoort er nou bij gezelligheid? Precies, pils! De uitwedstrijd werd daardoor al op de fiets afgedaan, om aansluitend op Moscou gezamenlijk nog de derde helft uit te spelen. En zo ging dat ook afgelopen zaterdag. Klokslag 11:20 nam het peleton, vanuit Banthum, vanaf de Hoopsteeweg (niet te verwarren met Het Lijntje) de afslag door de Tarzanbocht de Meester Holtropstraat in. Uitstekende keuze van het nageslacht van de Moscoufieten. Ter illustratie, zie onderstaand:


Met de lengte van het hoofdveld meefietsend, ter hoogte van de kantine, vonden onderling de eerste handgebaren en woordenwisselingen al plaats. Niet nodig om dat te herhalen hier, het was allemaal vriendschappelijk bedoeld, maar de toon was gezet. Na een warm welkom doken beide teams de kleedkamer in om zichzelf op hun eigen manier voor te bereiden. Thijs (Annie) Otten was nog een beetje beduusd van de vrijdagavond en was dus wat loom, waardoor er eindelijk een keer geen grote show van het uitdelen van de tenues werd gemaakt. Na één keer knipperen had iedereen z’n kloffie an. “Dat wordt een hele lange warming-up dan”.
Tijdens het warmhuppelen kwamen de eerste tekenen van de nasleep van de avond daarvoor langzaam bovendrijven. Het zweet hadden de meesten al rap los en de rikketik vloog al gauw naar 180 bpm. “Alst moar nie slimmer wordt”, riep andere Otten. De bidons leken wel lek van onderen en waren zo weer leeg. Op voorhand kregen we al berichten door dat Banthum met tekorten kampte en dus wat lui uit een paar teams hoger had opgetrommeld. Dat hielp niet mee aan de gemoedstoestand waar dus het gros van ons zich in bivakkeerde.
Inmiddels waren de 40 minuten, na aankomst Banthum, verstreken en mocht de bal zich een weg gaan banen door de neppe grassprieten. Helemaal scherp heb ik het niet meer, maar het was Banthum die als eerste van zich liet horen. Een zwak schot maakte een rare stuiter op het gorddroge kunstgras, waardoor Tom mis zat. In de biljartsport zouden ze jaloers zijn geweest op het effect dat aan die bal zat. De minuten daarvoor stonden we prima te voetballen. Reden voor paniek was er dus niet. Een scherpe voorzet van Rik belandde bij Mr. Tiddy op het hoofd, die van een meter of 6 de bal precies bovenop het houtwerk wist te plaatsen. Die kopbal zag er zo dreigend uit, dat de keeper wel nog een sprong naar de bal maakte. Waar hijzelf de goal invloog, kwam de bal via de lat terug het veld in. Mr. Tiddy was nog alert en wist in tweede instantie de bal binnen te tikken. Niet veel later was hij ook degene die breed gaf op onze westerling (aan de inburgering wordt gewerkt) die vervolgens de bal keurig binnen wist te schuiven. Zonde, maar terecht, wist Banthum de 2-2 nog voor rust binnen te schieten. Onhoudbare bal die strak in het zijnet eindigde.
In de rust waren de meesten vooral bezig met het herstellen van de vochtbalans. Het horizontale systeem, waar vrijdagavond dat Spa Goud z’n intrede had gedaan, moest weer op peil gebracht worden. Menig mond voelde als een vergeten stuk Sahara, kurkdroog.
Nou goed, afgetankt en al konden we der weer tegen an de tweede helft. Weer was het de uitploeg die als eerst van zich afbeet. Na een goede voorzet werd de 2-3 binnen gekopt. Een periode van aanvallen beide kanten op volgde. Totdat (ik denk) minuut 75′ aanbrak. Diek, die in de rust aan z’n moeder en broer had beloofd even te scoren, zag een hoge bal voor z’n voeten neerkomen. Met dat de bal een stuiter maakte was het hij of de keeper die als eerst bij de bal zou zijn. Met een bekeken hoge bal wist ie em over de keeper te plaatsen. Het ronde stuk leer kwam, na een vlucht van 20 hoogtemeters, op de 5 meterlijn neer. De seconden daarna was het stil op de Noppenweide. Hopend dat de bal het net zou raken en niet over de goal zou stuiteren. Dat eerste geschiedde. 3-3! We kregen een beetje de wind in de rug. Een 100% kans werd door Meijerink gemist en westerling raakte nog een keer het houtwerk. Een 4-3 had er ingezeten, maar eerlijkheid gebied te zeggen dat 3-3 de meest juiste afspiegeling van de wedstrijd is. Daar bleef het ook bij.
De scheids was zeer te spreken over de wedstrijd: “Hele mooie wedstrijd jongens! Hard maar eerlijk én geen gezeur!” Los van dat beide ploegen mekaar goed liggen, was dat ook vooral zijn verdienste! Zo hoort het en mag het ook wel eens een keer.
De nummer 2 van de competitie was niks voor niks op de stalen ros naar Bruchterveld gekomen. Ze bleven nog even hangen voor de derde helft. We hopen dat ze veilig thuisgekomen zijn. De vorige keer dat ze in Bruchterveld waren, was met ’t keetfeest. Dat liep niet voor iedereen lekker af op de terugweg. Ook bij ons begon het bier ons weer verliefd aan te kijken, dus moest maar weer. Mooie daag’n zo.
Aantal toeschouwers: 31

